Werkbezoek Kampereiland/Mandjeswaard

Gepubliceerd op zondag 8 juli 2018 19:39 door Piet Bergstra  (tekst en foto's)

Op uitnodiging van de Stadserven brachten enkele raads- en commissieleden een werkbezoek aan twee totaal verschillende types melkveehouderijen: de serrestal van de familie De Groot en de ligboxenstal van de familie Van Werven. Beiden in de Mandjeswaard. Maar eerst een stukje historie.

 

Op 18 juni 1363 sloot Bisschop van Utrecht Jan van Arkel een overeenkomst over de verdeling van Mastenbroek. Kort daarop verwierf de stad Kampen de Kampereilanden met ‘het eeuwig recht van op- en aanwas’ van alle zandplaten en gorzen die in de monding van de IJssel zouden opkomen. 

 

Van oudsher behoorden niet alleen het Binneneiland, maar ook de Mandjeswaard, de Pieper, het Haatland, de Melm en het Buitendijks tot het Kampereiland. Al deze gebieden behoren nu tot de Stadserven. De naam ‘Stadserven‘ verwijst naar het feit dat de boeren op het Kampereiland hun boerderij steeds pachtten van de stad Kampen. In feite is de landbouw al eeuwenlang de drager van natuur en landschap op het Kampereiland.

Naast het innen van de pacht is de Stadserven als eigenaar en beheerder van het Kampereiland en omstreken sinds 2013 verantwoordelijk voor het onderhoud van de erfbeplanting. Dit  onderhoud wordt uitgevoerd door medewerkers van het groenbedrijf van Impact. De uit te voeren werkzaamheden omvatten de beplanting die onder de bepalingen van de opstalvoorwaarden vallen, met uitzondering van tuinen en hoogstamboomgaarden. Ook de begroeiing langs wegen en bermen wordt niet binnen het contract met Impact verzorgd, aangezien dit een verantwoordelijkheid is van de provincie Overijssel en de gemeente Kampen.

 

Op deze mooie donderdagavond werd eerst een bezoek gebracht aan de serrestal van de fam. De Groot in de Mandjeswaard. Deze stal is zeer modern en voorzien van allerlei technische snufjes. Zelfs het voeren van de koeien wordt door een computer en robot gedaan. Maar het bedrijf zit niet stil. Met ruim 220 koeien is de volgende stap een vergistingsinstallatie waarmee gas kan worden opgewekt. Daarmee zouden 100 woningen van gas kunnen worden voorzien.

 

De koeien kunnen vrij in en uit lopen. Maar als er gemolken moet worden dan komt het nog wel eens voor dat er een aantal 'dwarsliggers' achterblijven in de wei. Die moeten dan worden opgehaald. En het blijken vaak dezelfde dames te zijn ...

De serrestal van de fam. De Groot.
De serrestal van de fam. De Groot.

De ligboxenstal van de fam. Van Werven is weer heel anders van opzet. Dit bedrijf heeft op dit moment ongeveer 95 koeien. Maar men is op zoek om het bedrijf uit te breiden naar zo'n 120 koeien. De infrastructuur is ervoor aanwezig: ze hadden eerder zoveel koeien. Maar door (nieuwe) regelgeving moest het bedrijf inkrimpen. 

De ligboxenstal van de fam. Van Werven.
De ligboxenstal van de fam. Van Werven.

In de stal worden de koeien ook meestal gevoerd met ruwvoer (kuilvoer) dat ze kunnen eten door met kop door een hek te steken. Maar ook een combinatie met vers gras is mogelijk, zoals vanavond. In deze ligboxenstal is een aparte ruimte gebouwd waarin de koeien gemolken worden door een robot.

 

Prachtig om die grote hoeveelheid zwaluwnesten onder de dakgoot te zien! Waar zie je dat nog? Bij de bouw van nieuwbouwwoningen is er helaas geen ruimte meer voor deze prachtige vogels. Cees van Werven houdt zich ook bezig met weidevogelbescherming. Kon hij vorig jaar nog 5 nesten van tureluurs en 1 van een grutto beschermen, dit jaar werd geen enkel nest meer gevonden. Volgens Van Werven is de vos daarvan een van de schuldigen. Die wordt daar namelijk veelvuldig waargenomen.